Bloem

De bron en zijn bewaker

Door

Uit: Leven in openheid deel 1 & 2

Uitgelicht bij de ‘Light of Being’-Meditation

Onderstaande tekst kan je inzicht geven in de afstand tussen je gedrag en dat wat je als je essentie ervaart, want meditatie is de uitnodiging om de ruimte daartussen weer helemaal open te laten gaan.

Het wezen is als een bron. Een bron die van nature vrij stroomt, onbelemmerd en zo onbeperkt als het licht van de zon. Uit de stroom van de bron komt de energie die alles vorm laat krijgen en tastbaar maakt, zodat we de aarde met al haar vormen kunnen waarnemen en beleven. Het is de bron van levensenergie voor alles wat bestaat in materie, woord, beeld, gevoel en essentie.

In ons is echter ook het besef dat er, in samenspel met de middelen die wij als mens ter beschikking hebben (het lichaam met zijn zintuigen en onze psyche met gedachten en emoties), iemand is die bewust kan zijn (ego). Het ego is zich ook bewust van de bron en beseft dat dat zijn basis is, want zonder deze levensbron zou het er nooit geweest zijn of zich hiervan bewust kunnen zijn. Het ego kan opgaan in zijn spel met het lichaam en de geest, maar kan ook in rust zijn, zodat vanzelf de bron als de grond van alles, ervaren wordt.

Decoratie

In het samenspel met lichaam en geest voelt het ego dat het dingen kan doen, bedenken en creëren. Dat het zich kan verbinden met allerlei energieën en handelingen en dat het als gevolg daarvan zich sterker of zwakker gaat voelen. Gecharmeerd door het sterk en geslaagd voelen en teleurgesteld door het zwakker en mislukt voelen (het spel met de materie) raakt het ego steeds dieper in dat spel verwikkeld. Zo diep dat het op een gegeven moment het spel er niet meer van ziet. Het is er helemaal in gaan geloven alsof het de enige werkelijkheid is waar alles van afhangt. Het wordt dan langzaam maar zeker een spel op leven of dood, waar het dag en nacht mee bezig blijft.

Het ego gelooft in zijn eigen ideeën, wil ze verwezenlijkt zien en hoopt zo steeds meer grip op alles te krijgen. In een spel staat echter niets vast, maar verandert alles steeds weer ten opzichte van elkaar. In het streven de veranderingen de baas te worden, raakt het ego steeds verder geïdentificeerd met het spel dat het speelt en de doelen waar het naar toe wil werken. De bron is daardoor niet meer voelbaar.

Decoratie

Ergens in dat spel wordt het ego zich ook weer bewust van de bron. Dat kan door een spirituele ervaring zijn of door het ontmoeten van liefde, maar ook een crisis of ziekte kan het ego weer bewust maken van een andere bestaansgrond dan zichzelf. Het beseft dan de waarde van die grond en hoe open en kwetsbaar die is 'onder de blote hemel midden in de ongerepte natuur'. Het gaat zich daarom dan ook, zoals gewoonlijk, sterk inzetten om ook deze grond, in zijn grip krijgen.

Op een gegeven moment komt het ego er echter achter dat het de bron niet kan beheersen en dat de bron altijd een kwetsbaar gebied blijft. Het probeert dan toch de bron te beschermen en te bewaken door haar te verbergen achter zijn imago, de vorm die het van zichzelf gecreëerd heeft en waar het in gelooft. Door een sterk imago voor de bron neer te zetten, hoopt het dat de gevoelige open bron niet geraakt kan worden of dat in ieder geval niemand dat ziet als dat toch zou gebeuren, want dat zou de onechtheid van het imago duidelijk maken. Zo wordt het spel verder geïntensiveerd en probeert het ego alle werkelijke en schijnbare bedreigingen met zijn schijnbare standvastigheid af te weren of te beheersen. Alle energie gaat meer en meer naar het zo goed mogelijk kunnen tegenhouden en terugkaatsen van dat waarvan het vermoedt dat het de kwetsbaarheid van zijn bron zou kunnen aantasten. Het ego komt zo in een energiebesteding terecht die gericht is op het onkwetsbaar en machtig willen worden.

Decoratie

Het feit is dat we allemaal in dit spel verwikkeld zijn geraakt. Geboeid door alles wat er in supermarkt 'de wereld' wordt aangeboden, zijn we helemaal in de ban van de producten geraakt. Al onze levensenergie geven we aan het ego dat de materie (de producten en de productkennis) zo goed mogelijk wil leren beheersen. We hopen daardoor alles te kunnen overzien en onder controle te krijgen. Zo creëren we onszelf steeds groter, beter, machtiger en zelfs wijzer, waardoor de bron achter een steeds groter wordend imago verscholen komt te liggen.

In die verborgenheid, komt de bron in de schaduw te liggen en ligt ze in het kielzog van het zichzelf zo belangrijk vindende ego. Velen weten niet eens meer dat er zich achter die berg van het ego een bron bevindt. Door alle aandacht voor het ego kon er geen aandacht meer naar de bron gaan. Het volle licht van de zon is daardoor ingewisseld voor een donkere plek onder de rotsen en de voorheen ongerepte natuur is langzaam veranderd in een droge en onvruchtbare plek. Er is zoveel aandacht naar het sterk en groot maken van het ego gegaan dat het contact met de bron en de kracht die ons van daaruit voedt, er volledig door is verschraald.

Decoratie

Voel eens in jezelf hoeveel aandacht er naar je ego, met zijn denken en willen, gaat? Zelfs zelfonderzoek kan, als je niet uitkijkt, door het ego worden overgenomen en worden veranderd in een onderzoek naar zijn eigen krachten. In plaats van te onderzoeken wat je werkelijke zelf is, gaat de aandacht naar wat je persoonlijke imago is. De bewaker van de bron trekt alle aandacht steeds weer naar zich toe en het lijkt alsof er niets anders mogelijk is. De relatie met de bron zelf verarmt en verstilt daardoor. Ook hiervan is het ego zich bewust, want ondanks zijn kracht en grootsheid voelt het zich niet echt gelukkig en er zal ooit een dag komen waarop het dat zal ervaren. Dat is dan ook het moment waarop je naar meditatie gaat verlangen. Er ontstaat dan het verlangen om naar de bron op zoek te gaan en er weer mee in contact te gaan, weer thuis te komen op je oorspronkelijke grond. Langzaam dringt tot het ego door dat er alleen in contact met de bron weer ruimte ontstaat om door haar gevoed te kunnen worden. Als haar voeding weer wordt opgenomen zal er ook weer meer geluk voelbaar worden. Niet het geluk van een sterk en geslaagd ego maar het werkelijke geluk van de verbondenheid met de essentiële grond van het leven.

Decoratie

Doordat het ego zich nu bewust is geworden van het onderscheid tussen het spel der vormen en de zetel van het essentiële, gaat het steeds meer aandacht geven aan het zoeken, herkennen en voelen van de bron, het wezen, in zichzelf. Omdat we zo lang geen of weinig aandacht aan het wezen gegeven hebben, kan het zijn dat we eerst verdriet voelen. Verdriet omdat we zo lang van huis zijn geweest en er die pijnlijke afstand was tot ons diepste zelf. Het is het verdriet van het besef dat we onze aandacht vooral door de aantrekkingskracht van de bewonderenswaardige materie en het geloof in het sterk en succesvol kunnen worden, hebben laten meevoeren. We voelen alle moeite die we vanuit onze goede intenties gedaan hebben om iets van onszelf te maken en waarvan nu duidelijk wordt dat we daardoor juist los van het wezenlijke zijn geraakt. Al deze factoren kunnen ons een verdrietig gevoel geven en ons tot huilen brengen maar het is een huilen van loslaten en ontroering. Een loslaten omdat we beseffen dat alles waar we werkelijk naar verlangen er al is en daar geen investeringen meer voor nodig zijn. En ontroering die ontstaat als we door onze inzichten onverwachts het thuiskomen weer even ervaren.

Decoratie

Als we deze inzichten hebben ervaren en het verlangen voelen om weer met de bron in ons in contact te willen zijn, zullen we als het ware moeten afkicken van de verslaving aan het spel met de materie. We zijn zo gewend om aandacht te geven aan de bewaker van de bron dat het simpelweg in contact zijn met de bron zelf moeilijk voor ons is. Het spel der vormen is immers zo spectaculair als een kermis. In het spel der vormen kunnen we ons altijd wel met een vorm of gedachte identificeren en is er altijd wel een idee of activiteit om je aan vast te houden. Zelfs bij het mediteren komt het veelvoudig voor dat mensen weer door het spel van die vormen worden teruggezogen in hun egospel. Want juist door te gaan mediteren verandert je bewustzijn en kunnen er allerlei 'nieuwe' ervaringen en sensaties plaatsvinden. Als we dan ook daar weer iets mee willen, geven we opnieuw aandacht aan de bewaker van de bron, aan zijn spel met de vormen, aan het ego.

In meditatie gaat het om je relatie met het wezenlijke, de bron, jezelf. Net zoals een kind door de aandacht die het krijgt, gaat stralen, zo zal ook de bron weer duidelijker voor jou ervaarbaar worden en zal de energie die je dan weer opneemt je krachtiger maken. Doordat de bron weer ervaren mag worden, komt er weer licht op de bron, komt de zon er weer terug. Zoals Patanjali zegt: tatah-ksyate-prakasa-avaranam, hetgeen betekent: de sluier die het licht bedekt wordt weggenomen. Het is de kracht van de liefdevolle relatie, die de bron weer tot zijn recht laat komen.

Decoratie

Als de bron op momenten weer ervaren wordt, zal het imago van het ego minder manifest worden en tot normale proporties terugkeren. Dat maakt ons milder en wijzer. We zitten dan niet meer zo gevangen in het spel. We voelen dan dat er in ons vanzelf al een hele hoop aanwezig is dat ons gelukkig laat zijn en dat we niet alleen maar afhankelijk zijn van de aandacht van anderen. Het ego is dan eindelijk weer wat het feitelijk is, onze persoonlijkheid in relatie met de buitenwereld. De bron kan dan weer onze basis en thuishaven zijn, die het altijd al was en altijd zal zijn. Onze openheid voor de bron houdt de bewaker menselijk en zachtaardig en liefdevolle aandacht voor de bewaker zorgt ervoor dat de bron steeds voelbaar aanwezig blijft in zijn activiteiten.

Wij hebben als mens de mogelijkheid om onze energie (bewustzijn) via aandacht te richten op het spel der vormen of ongericht en ontvangend open te zijn voor de inhoud van onze essentie. De aandacht die we daarnaast ook nog van anderen krijgen is een prachtige toevoeging daarop. Ook als we de liefdevolle aandacht van onze ouders hebben gemist of denken te missen, hoeven we niet te blijven treuren maar kunnen we onszelf door openheid voor de bron met liefde laten voeden. Liefde ontvangen vanuit ons wezen in plaats van energie te steken in het verbeteren van ons imago. En iedereen kan liefde opnemen. Er is niemand die nergens liefde in voelt, de een voelt dat in een baby, de ander in een dier of in de natuur.

Decoratie

De vraag is dus of we aandacht geven aan de versterking van de bewaker van de bron of dat we ons openen om liefde te ontvangen direct vanuit onze levensbron. Meditatie is die openheid voor de bron en haar liefdesenergie. Vanuit de openheid voor de bron wordt ons denken en handelen meer door wezenlijkheid beïnvloed. Het gaat er immers niet om door meditatie de buitenwereld te ontkennen, maar veel meer dat we met de wereld omgaan vanuit de inzichten die we opdoen tijdens het ervaren van wezenlijkheid. De ervaringen van meditatie zijn niet om ons in te koesteren of in op te gaan, maar om een helende invloed uit te oefenen op de chaos en onhelderheid van de buitenwereld. Meditatie is weliswaar de relatie met het wezenlijke in ons maar het is geen afsluiten voor alles om ons heen. Dan zou het immers een vorm van concentratie zijn en dat is altijd een gevolg van de wil, de richtkracht van het ego. Het ego kan ons niet naar het wezen brengen, want dan zou het de felbegeerde sleutel tot de essentie van het leven in zijn bezit hebben gekregen. Het ego zou dan de machtigste kracht worden die met die sleutel zelfs 'God' zou kunnen beheren. Ook zou alle aandacht dan weer naar de bewaker van de bron gaan in plaats van dat er weer een relatie met de bron wordt aangegaan.

Decoratie

Juist het inzicht, dat we daardoor steeds verder verstoken raken van waar we werkelijk naar verlangen namelijk thuiskomen in onze wezenlijke essentie, ontkracht deze machtsbehoefte. Het inzicht dat alle egowegen enkel ter meerdere glorie van zichzelf zijn en we daardoor niet buiten zijn grenzen kunnen komen terwijl we wel naar iets anders verlangen, verzacht deze gedrevenheid.

Ontwapeningen en verzachting van het ego zijn de openingen tot een ander bewustzijn. Tot het ervaren van wat er altijd al was, maar wat door de verering en zelfingenomenheid van het ego in de schaduw was beland. Openheid voor een ander bewustzijn laat ons weer bewust worden van de bron, van het zijn in ons, van de liefde die we in wezen zijn. De liefde waar we altijd naar hunkerden, altijd naar zochten en die altijd al op ons lag te wachten.

Decoratie

De bewaker heeft dan opeens heel veel vakantie, heel veel vrije tijd en wordt, vanwege zijn onaflatende maar niet meer zo nodige inzet, met respect en dankbaarheid behandeld.

Dank voor je trouwe dienst en bewaking, lieve ego. Geniet maar van je vrijheid, nu ik niet meer in jouw schaduw hoef te blijven, maar weer thuis ben in mijn werkelijke zijn, dat ook jou voedt.